EUROPA. BELGICA. Primer ministro belga, favorito a presidir la UE

El primer ministro belga, Herman Van Rompuy, se ha convertido en el hombre más solicitado para presidir la Unión Europea (UE), despertando un consenso inusual entre los Estados miembros, que ensalzan de este político discreto su capacidad de construir compromisos.

"Hay un consenso sobre su nombre, algo raro entre los 27. Nadie más tiene unanimidad", afirmó el lunes a la AFP una fuente diplomática.

"Nadie se opone y muchos le piden que acepte" ser el primer presidente estable de la UE, un cargo que previsiblemente será creado en los próximos meses, señaló una segunda fuente.

"Sin comentarios", respondió no obstante Dirk De Backer, portavoz del primer ministro belga, interrogado al respecto.

Pero Van Rompuy, que cumplió 62 años el sábado, fue objeto de peticiones muy claras durante la cumbre de jefes de Estado y de gobierno de la UE celebrada la semana pasada en Bruselas, explicaron las fuentes diplomáticas.

La prensa belga barajaba el lunes esta hipótesis: Van Rompuy "no es candidato pero es favorito", escribió el diario flamenco De Standaard.

"¡Herman Van Rompuy presidente!", tituló el diario popular francófono La Dernière Heure, subrayando que sus dos homólogos del Benelux -el luxemburgués y candidato a la presidencia de la UE, Jean-Claude Juncker, y el holandés Jan Peter Balkenende, cuyo interés sólo se rumorea- no suscitan unanimidad entre los 27.

A Juncker, presidente del Eurogrupo, que reúne a los ministros de Finanzas de la zona euro, países como Francia le echan en cara la pasividad con la que reaccionó a la crisis económica a mediados de 2008.

Balkenende arrastra el 'hándicap' de que su país dijera 'no' al proyecto de Constitución Europea en un referéndum en 2005 y su veto a los acuerdos de la UE con Serbia o Siria.

La candidatura hasta hace pocos días más creíble quedó prácticamente descartada durante la cumbre de la UE: el ex primer ministro británico Tony Blair se vio reprochar desde su apoyo a la guerra de Irak en 2003 al hecho de que Gran Bretaña no integre ni la Eurozona ni el espacio Schengen de libre circulación.

Sobre el flamenco Van Rompuy, en cambio, no se escucha por ahora ni un pero.

Según una fuente diplomática, el democristiano todavía no ha tomado una decisión, consciente de que su partida del gobierno podría romper el frágil equilibrio que permite mantener la unidad del reino, en el que flamencos y francófonos viven cada día más distanciados.

El jefe de gobierno, conocido por esconder sus cartas detrás de una timidez aparente, está considerado en su país como un as del compromiso.

El cargo de presidente estable de la UE, por un mandato de dos años y medio renovable, está llamado a dar un rostro y continuidad al liderazgo comunitario, poniendo fin al sistema de presidencia rotativa que asumen los jefes de Estado y de gobierno durante periodos de seis meses.

Su creación está contemplada en el Tratado de Lisboa, destinado a fortalecer el papel de la UE en el mundo y mejorar su eficacia interna.

La entrada en vigor del texto está prevista antes de fines de año, una vez el presidente checo, Vaclav Klaus, lo firme, completando el proceso de ratificación en cada uno de los 27 Estados miembros.

Una cumbre extraordinaria será organizada a mediados de noviembre para designar al nuevo líder europeo, junto a un 'super ministro' de Relaciones Exteriores, otra novedad del Tratado.

En el sitio web irlandés PaddyPower, se augura a un belga al frente de la UE: las apuestas a favor de Van Rompuy se dispararon el lunes en pocas horas de 16 contra 1 a 3 contra 1.

 

Toespraak Herman Van Rompuy op de opening van de Jaarbeurs Accenta

Met blikvangers zoals het UNIZO-dorp voor Jonge Ondernemingen, het opleidsingsbos, de Space Week en met als speciale gast de Turkse stadsregio Izmir is deze jaarbeurs een boeiend trefpunt van ondernemers en handelaars uit Europa en verder, een ontmoetingsplaats van wetenschap en techniek. Deze jaarbeurs kunnen we het hedendaagse equivalent noemen van de jaarmarkten in het Brugge van de twaalfde en de dertiende eeuw en van het Antwerpen in de vijftiende eeuw.

Dames en Heren,

Het doet mij genoegen om aanwezig te kunnen zijn op de opening van de internationale Accenta jaarbeurs in Flanders Expo te Gent . Met blikvangers zoals het UNIZO-dorp voor Jonge Ondernemingen, het opleidsingsbos, de Space Week en met als speciale gast de Turkse stadsregio Izmir is deze jaarbeurs een boeiend trefpunt van ondernemers en handelaars uit Europa en verder, een ontmoetingsplaats van wetenschap en techniek. Deze jaarbeurs kunnen we het hedendaagse equivalent noemen van de jaarmarkten in het Brugge van de twaalfde en de dertiende eeuw en van het Antwerpen in de vijftiende eeuw.

Deze beurs wordt gehouden in uitzonderlijke omstandigheden. De val van Lehman Brothers in de Verenigde Staten heeft een ongeziene wereldwijde verspreiding van de financiële crisis veroorzaakt die op haar beurt de reële economie heeft aangetast. Zo kregen wij de ergste crisis sinds de grote depressie van de jaren ‘30. Een economische krimp van om en bij de 3 % staat ons dit jaar te wachten. Maar sinds het tweede kwartaal lijkt het BBP minder snel terug te lopen in België. In Duitsland en Frankrijk constateerde men zelfs een positieve kwartaalgroei. Ik hoop dan ook samen met u dat we het ergste van de crisis achter de rug hebben. Wij verwachten voor 2010 opnieuw een licht positieve groei volgens de allerlaatste vooruitzichten. Het vertrouwen van consumenten en producenten stijgt.

Deze regering heeft meteen gereageerd op de crisis en er alles aan gedaan om het vertrouwen van de burgers en de bedrijven in de economie – in het bijzonder in de financiële wereld – opnieuw te herstellen.

  • Ten eerste, heeft de regering het Belgische financieel systeem gered van de ondergang. (Waarvoor de overheid 15 miljard euro diende te ontlenen en die dus de openbare schuld met 4.5% van het BBP deden stijgen, weliswaar staan daar activa tegenover). De reddingsoperaties van de systemisch belangrijke instellingen hebben het geld van de spaarder gewaarborgd, een brutale credit crunch voor de bedrijfswereld vermeden en de werkgelegenheid in de financiële sector zo veel mogelijk veilig gesteld.
  • Verder heeft de regering in haar relanceplan ook ingegrepen om de kredietverstrekking aan bedrijven te normaliseren: De belasting op herverzekeringscontracten is afgeschaft en de financiële slagkracht van het Participatiefonds, van Delcredere en Finexpo ten voordele van KMO financiering en exporterende ondernemingen is aanmerkelijk verhoogd. Tot slot, werd recentelijk “Belgacap” geïntroduceerd: een aanvullende kredietverzekering met staatsgarantie voor de bedrijfswereld. Vanuit dezelfde filosofie hebben we de bedrijven dit jaar meer zuurstof bezorgd door de mogelijkheid te voorzien om de betaling van de bedrijfsvoorheffing uit te stellen, terwijl de overheid prompt zijn facturen betaalde.
  • In de toekomst moeten we er alles aan doen om een nieuwe financiële meltdown te vermijden. Zoals aanbevolen door het Lamfalussy comité moet hiervoor het toezicht op de financiële wereld verscherpt worden. De regering zal tegen het einde van dit jaar de nodige wetgevind door het Parlement laten goedkeuren. In de EU en bij de G20 werd tot gelijkaardige initiatieven beslist. . “Business as usual” is geen optie, en België zal hiervan een prioriteit maken tijdens zijn Europees voorzitterschap.

Relanceplan

Ten tweede, heeft de regering in het kader van het Europees economisch herstelplan gerichte actie ondernomen die de economische bedrijvigheid en de werkgelegenheid moet verzekeren.

Het Interprofessioneel Akkoord 2009-2010 tussen de sociale partners vormt een belangrijk deel van het federale relanceplan. In het kader van het tweejaarlijks overleg over de loonmarge hebben we de loonkosten verlaagd via een algemene loonlastenverlaging en via specifieke loonlastenverlaging voor wetenschappers, ploeg- en nachtarbeid en overwerk. Deze lastenverlagingen geven een zuurstofinjectie van de overheid van ongeveer 1 miljard euro per jaar in de private sector en moeten zo veel mogelijk groei en banen veilig stellen. Met het loonakkoord in deze moeilijke tijden hebben de sociale partners in samenwerking met de regering de sociale vrede bestendigd. Wij zijn er hierdoor in geslaagd een dubbel doel te bereiken: het handhaven van de concurrentiekracht van onze bedrijven tegenover onze belangrijkste handelspartners (bevestigd door recente ramingen) en het behoud van het reëel beschikbaar inkomen van de gezinnen in 2009 en 2010 – over de twee jaar samen is er zelfs een reële stijging met 1.9% waardoor de private consumptie ondersteund werd

Tot slot hebben we als relancemaatregel extra flexibiliteit in de arbeidsmarkt geïnjecteerd door voor bedienden een vorm van tijdelijke werkloosheid in te voeren. Het doel is om tijdelijk de loonkost van een bedrijf te verlagen zonder dat er ontslagen moeten volgen. Zo kan de band tussen werknemer en werkgever behouden worden, gaat er geen waardevolle kennis verloren, moeten minder werknemers ontslagen worden en kunnen bedrijven snel heropstarten indien de conjunctuur aantrekt. Het bestaande stelsel van economische werkloosheid bij arbeiders- dat uniek is in de EU - heeft een sociaal drama vermeden.

Begroting

Inzake begroting, hebben we de financiële sector van de ondergang gered, een klein maar krachtig relanceplan gelanceerd en de automatische stabilisatoren laten spelen op de uitgaven en de inkomsten van de overheden. Door dit krachtig handelen hebben we de vrije val van de economie een halt toegeroepen. De budgettaire prijs van dit alles is duidelijk maar anders handelen was geen optie. Alle andere EU-landen hanteerden dezelfde strategie.

Het begrotingsdeficit is niet het resultaat van slecht beleid vandaag maar van de wereldwijde crisis. Zeer bewust hebben alle landen in de Unie ervoor gekozen de prioriteit te geven in 2009 aan het ondersteunen van de economie door de fout niet te maken van de jaren dertig en zware budgettaire ingrepen te doen en dan koopkracht uit de economie te zuigen. Wij hebben in de eurozone ook een andere fout van de jaren dertig niet begaan dit wil zeggen de geldkraan dicht te draaien. Integendeel, de rente werd drastisch verlaagd en de banken kunnen quasi onbeperkt ontlenen bij de ECB. Op die manier keren we na één jaar reeds terug met positieve economische groei.

De sporen op de werkgelegenheid zullen echter veel langer nazinderen. Wij dreigen op twee jaar 95.000 jobs te verliezen, weliswaar nadat we er in 2007 en 2008 150.000 hadden geschapen.

Ik heb bij mijn aantreden in December 2008 gezegd dat we zodra we zullen terugkeren naar positieve BBP groei wij met de sanering van de openbare financiën zullen starten. Dat zullen wij reeds deze maand doen.

De verslechtering van ons begrotingsdeficit is tussen 2007 en 2010 niet sterker dan in overige landen van het eurogebied. Alle landen staan voor dezelfde opgave. Het is dus niet het moment van paniekerige uitspraken maar van consequent en moedig handelen.

De weg naar het begrotingsevenwicht is een project voor de gezamenlijke Belgische overheden. alle overheidsgeledingen, ook de lokale overheden en de gemeenschappen en gewesten moeten mee de kar trekken, niet alleen in 2010 en 2011 maar nog vele jaren daarna.

Meer dan ooit moet het duidelijk zijn dat België zijn welvaart enkel kan behouden, indien het meer mensen aan het werk krijgt en verder werkt aan zijn internationale concurrentiekracht. Wil België zijn rol blijven meespelen in de wereldeconomie, dan moeten we blijven investeren in onze troeven. Dit kunnen we doen door de potentiële groei van de economie te versterken zodat deze het niveau van voor de crisis overtreft. De potentiële groei moet verhoogd worden op drie manieren: meer werken, meer investeren en … meer innovatie om de factors werk en kapitaal efficiënter en productiever in te zetten.

Het is belangrijk dat er naast een budgettair verhaal een positief economisch verhaal is. Dat was zo in de jaren tachtig toen naast de budgettaire besparingen het thema stond van de Derde Industriële Revolutie (DIRV).

België is altijd beroemd geweest voor zijn hoge productiviteit. In 2007 bijvoorbeeld, was een Belgische werknemer 15% productiever dan een Nederlander en zelfs 20% productiever dan een Duitser. Onze productiviteit groeit echter trager en trager. In de jaren ´80 was er nog een structurele productiviteitsgroei (per uur) van 2.4%, in de jaren ´90 was het nog maar 1.7% en van 2001 tot 2008 was het slechts een magere 0.9%. Die tendens doet zich ook in de EU voor en is één van de noodzaken voor het verderzetten van de Lissabonagenda. We moeten dan ook, zowel op Europees als op Belgisch vlak, inzetten op het verhogen van de innovatieve capaciteit om de potentiële groei te ondersteunen. De overheden moet hier een gunstig kader voor bieden, maar het zijn de bedrijven die de vlucht vooruit moeten nemen. Deze jaarbeurs draagt hiertoe bij door zijn aandacht voor innovatie, ondernemerschap, de internationale handel en opleidingen.

Ruimte

Het thema van deze jaarbeurs staat met de “space-week” in het teken van innovatie. Ruimtevaart is immers een vernieuwende sector bij uitstek. Van daaruit vertrekken tal van innovaties en spin-offs. Het is één van de sectoren die het meest tot de verbeelding spreekt en de grenzen zowel fysisch als psychisch verlegt.

België staat zijn mannetje in de ruimte of liever en letterlijk: zweeft zijn mannetje met generaal Frank De Winne. Frank De Winne is na Dirk Frimout een rolmodel voor de Vlaamse en Belgische wetenschap.

De Belgische bijdrage aan de ruimtevaart blijft niet bij deze eenmansprestatie. België levert een belangrijke budgettaire inspanning voor de ruimtevaartsector. In 2009 voorziet de federale overheid een budget van 149 miljoen euro waarvan 137 miljoen bestemd is voor onze participatie aan het Europese Ruimtevaartagentschap.

De participatie in het Ruimtevaartagentschap is een garantie voor een “juste retour” die de ontwikkeling van onze ruimtevaartindustrie de wind in de zeilen geeft. De ruimtevaartsector in België is dan ook een niet onbelangrijke hoogtechnologische niche: met een zakencijfer van 210 miljoen euro en ongeveer 1600 hoogopgeleide werknemers die in een veertigtal bedrijven werken. Belgische bedrijven produceren state of the art technology voor de ruimtevaartindustrie die ook in andere sectoren tot nuttige innovatie kan leiden.

Ondernemerschap

Wetenschap en techniek worden echter pas innovatie door toedoen van de ondernemer. Ondernemerschap maakt van een technisch idee een commercieel product. Ondernemerschap is de sleutel voor het verkopen van onze troeven. Het UNIZO dorp voor Jonge Ondernemingen geeft praktische informatie aan aspirant-ondernemers en jonge ondernemers en helpt zo hun dromen op een realistische manier waar te maken.

Turkey

The fair also provides an opportunity to broaden the horizons. After India last year, the host country this time is Turkey, and in particular the metropolitan region of Izmir. Turkey is a large country with a dynamic economy. Belgium and Turkey maintain a firm and friendly relationship. Belgium even represents Turkey in the IMF executive board. Our countries have forged countless economic and social ties, particularly on the basis of a large and dynamic Turkish community in Belgium. Recently I attended an event bringing together all the Turkish employers in our country. Turkey is also a key trading partner. The value of trade between the two countries rose from 5.6 billion in 2007 to 6.3 billion in 2008. Belgium is a key investor in various sectors in Turkey, such as banking, textiles, tourism and the real estate market. Izmir is the third largest city in Turkey with a population of 2.5 million. As a port city it is an ideal basis for the Mediterranean and the Near East countries. Right next to Izmir is Ephesus, which was already of huge importance in ancient times. The archaeological treasures of Ephesus were a revelation to me when I visited them some years ago. I therefore hope that this fair will provide an opportunity to deepen the relationship between Belgium the EU and Turkey, and Izmir in particular.

Opleidingsbos

Belgische bedrijven kunnen maar excelleren in innovatie, ondernemerschap en internationale handel, als hun werknemers goed opgeleid zijn. De deskundige informatiebemiddelaars in het opleidingsbos laten de bezoekers kennismaken met een uitgebreid opleidingsaanbod voor volwassenen. De vaardigheden en kennis van de Belgische werknemers moet de grootste troef van het bedrijfsleven blijven.

Conclusie

Wij staan voor beslissende jaren. De financiële crisis zonder voorgaande bracht een economische crisis op gang, die op haar beurt een budgettaire crisis meebracht terwijl we voor de opgave staan de klimaatcrisis te keren.

Veel staat op het spel. De bevolking en de overheid weten waarvoor ze staan. Het is nu het moment om te handelen. De tijd van negativisme en paniekzaaierij moet voorbij zijn. Rustig en doordacht, moedig en consequent handelen zijn nu aan de orde. Het is een tijd van samenwerken, niet een tijd van nutteloze confrontaties. Het is een tijd waarin we angst moeten omzetten in hoop.

 

Felicitaties voor Kim Clijsters en Yanina Wickmayer

Eerste minister Herman Van Rompuy en Vlaams minister-president Kris Peeters zijn onder de indruk van de prestaties van Kim Clijsters en Yanina Wickmayer op de US Open 2009.

Reactie Herman Van Rompuy

Eerste Minister Herman Van Rompuy wenst Kim Clijsters geluk met haar spectaculaire overwinning in de US Open. Gans het land steunde haar met veel enthousiasme.

Ook de prestatie van Yanina Wickmayer was uitzonderlijk. Velen bewonderden ook bij haar de wilskracht, het talent en de positieve ingesteldheid.

Reactie Kris Peeters

“Ik wil de tennissters Kim Clijsters en Yanina Wickmayer en hun entourage van harte feliciteren met hun sportieve prestaties. “Ik ben zeer onder de indruk”, aldus minister-president Peeters.

”Kim en Yanina mogen ontzettend trots zijn op zichzelf, en ik ben ervan overtuigd dat iedereen in Vlaanderen trots is op hen. Ze zijn een fantastisch voorbeeld voor onze jonge beloften in de sportwereld en tonen aan dat met talent en vooral veel inzet en engagement er enorme mogelijkheden zijn”. We koesteren hun prestaties en wensen hen natuurlijk ontzettend veel succes toe in hun respectievelijke carrières. We horen zeker nog van hen!”

 

"No hay otra alternativa al actual Tratado de Lisboa"

Jean Luc Dehaene estuvo al frente del Gobierno belga siete años, todo un reto si se tienen en cuenta los graves problemas de Bélgica para formar ejecutivos estables. El hoy eurodiputado del partido conservador flamenco Christen-Democratisch & Vlaamsse considera abiertamente europeísta y atiende a Público en un descanso después de su conferencia en los cursos de verano de la Complutense en El Escorial.

Si Irlanda rechaza por segunda vez el Tratado de Lisboa, ¿tiene la Unión Europea un plan B?

Si se aprueba el Tratado de Lisboa, no hará falta un plan B. Aún así, la UE no tiene un plan B. Durante las elecciones europeas del pasado mes de junio, algunos partidos hablaron de una alternativa a Lisboa, pero el mensaje es claro: no existe esta opción.

¿Por qué se ha retrasado la decisión de nombrar al presidente de la Comisión?

El objetivo es designar a la nueva Comisión antes de noviembre. Está claro que hay consenso para retrasar el nombramiento, pero no puede durar más de uno o dos meses más. Todos queremos que esta Comisión pueda operar con el Tratado de Lisboa ratificado por todos los estados miembros, como muy tarde a principios de 2010.

Con el Tratado de Lisboa habrá un presidente del Consejo permanente. ¿Cree que Felipe González sería un buen candidato?

Es pronto para hablar acerca de quién puede ser el presidente. Es cierto que Felipe González sería un buen presidente. Desconozco sus ambiciones, aunque ahora está realizando un gran trabajo como presidente de la Comisión para el Futuro de Europa. Por lo que he escuchado, el informe que van a emitir en breve será muy importante para la UE.

Barroso está siendo muy criticado. ¿A qué se debe?

Algunos critican a Barroso, pero estas críticas sólo están centradas en los últimos meses, que es cuando la Comisión ha intentado enfrentarse a la crisis económica. Estoy de acuerdo en que la Comisión podría haber actuado más rápido, pero ahora parece que están haciendo mejor su trabajo.

Entonces, ¿no le parecen adecuadas las críticas?

Encuentro las críticas injustas; sobre todo si lo comparan con la etapa de Jacques Delors, porque eran otros tiempos. Antes había una Comisión pequeña y Barroso, actualmente, tiene que coordinar y dirigir una institución con 27 miembros. También es cierto que hablar de Delors sin referirnos a Helmut Kohl o a François Mitterrand es esconder en parte la verdad. Es decir, si comparas a Barroso con sus dos anteriores predecesores, tendrías una imagen positiva.

¿Cree que Barroso será nuevamente elegido presidente de la Comisión?

Sí, claro. Estoy convencido de que será elegido en septiembre. Además, no hay otro candidato para su puesto.

El líder conservador británico David Cameron ha decido crear un grupo político al margen de los populares. ¿Es acertada su decisión?

No supone un problema para el Partido Popular Europeo (PPE). En realidad, antes sólo existía el PPE y hubo que crear el PPE-DE, como grupo parlamentario conservador. Es decir, estaban mitad dentro y mitad fuera del grupo. Creo que Cameron, con esta decisión, ha clarificado la situación. De todas formas, más tarde o más temprano, va a lamentar la escisión. El motivo es sencillo. Su grupo parlamentario es frágil, necesita siete miembros de países diferentes para tener grupo propio, y sólo ha conseguido un representante de países como Letonia o Hungría.

¿Cree que Lisboa paliará muchos de los males de la acción exterior europea?

A lo mejor no resuelve todos los problemas, pero es un paso muy importante en la buena dirección. Si la UE no consigue ponerse de acuerdo en los asuntos importantes y tener una única voz, llegará un momento en que la UE no contará en la política internacional. El desafío de la UE para este nuevo siglo es organizarse a sí misma para desarrollar el papel de actor global que le corresponde, pero esto no será automático. Se necesita voluntad política. Si ésta no existe, los europeos no contarán; lo que permitirá que otros nos digan qué es lo que hay que hacer. El principal desafío y objetivo de la integración tiene que ser convertir a Europa en un verdadero actor global.

 

El ex primer ministro belga Leterme será ministro de Exteriores

El primer ministro belga, Herman Van Rompuy, nombró a su predecesor, Yves Leterme, ministro de Relaciones Exteriores, durante una remodelación de su gabinete, informó este viernes la prensa nacional.

Leterme ocupará el puesto de Karel De Gucht, quien a su vez sustituirá a su compatriota Louis Michel en la cartera de Desarrollo de la Comisión Europea.

Leterme, un democristiano de 49 años, encadenó como primer ministro una serie de intentos fallidos para reformar el sistema federal belga y otorgar más poderes a las regiones. Dimitió junto a su gobierno el pasado 19 de diciembre.

Hijo de padres de las dos mayores comunidades lingüísticas belgas, la flamenca y la francófona, Leterme se erigió como un político abiertamente favorable a los flamencos, enardeciendo a menudo la comunidad francófona.

De Gucht afirmó que Leterme será "un buen ministro de Exteriores que además conoce bien la política europea". Bélgica asumirá la presidencia semestral de la Unión Europea (UE) el 1 de julio de 2010, tomando el relevo de España.